Wereldburgerschap met een duidelijk gezicht
Jeroen Van der Auwera – Busleyden Atheneum – campus Pitzemburg Mechelen

Lees meer

Open hier het volledige artikel in een printklare PDF (landscape)

“Je moet niet altijd het warm water uitvinden”, zegt Jeroen Van der Auwera van UNESCO-school Busleyden Atheneum Campus Pitzemburg Mechelen op pragmatische toon. Toen hij directeur werd, gebeurde er al veel rond wereldburgerschap op zijn school, vaak losse flodders. De SDG’s hielpen om het versnipperde aanbod te clusteren en te kaderen. Zo kregen de diverse initiatieven een duidelijk gezicht en een betekenisvolle plaats. “De trein rijdt, wij hangen er enkel nog wagonnetjes aan”, zegt Jeroen Van der Auwera enthousiast.

Gesneden koek
“Wij zijn een UNESCO-school sinds 1953, van in het prille begin, maar als oud-leerling van deze school heb ik dat zelf nooit geweten. Die titel was er dus wel, maar er gebeurde niets mee. Enkele jaren terug hebben wij samen met een paar scholen het heft in eigen handen genomen. Vandaag zijn we een gecoördineerd netwerk met een vast stramien. We focussen systematisch op een aantal thema’s en organiseren startdagen en bijeenkomsten met leerlingen. Het UNESCO-label is het perfecte framework om te werken rond de SDG’s.

De aanleiding om ons als school te gaan focussen op de SDG’s was een klimaatsubsidie van de stad Mechelen. Eén van de voorwaarden voor subsidiëring was een pedagogisch luik. We kwamen uit bij de SDG’s en meteen hadden we een raamwerk voor onze internationale samenwerking met scholen uit Zweden, Finland en Frankrijk.  Het wordt zo makkelijker om als school contacten te leggen. Het is ook gesneden koek, je moet niets nieuw uitvinden. Er gaat een hele wereld voor je open. Kijk maar naar The World Largest Lesson, dat is ongelooflijk interessant.”

Ik herhaal het SDG-kader als een mantra in elke personeelsvergadering. We zien de SDG’s ongeveer als bijkomende eindtermen.

Olievlekprincipe
Als oud-geschiedenisleraar op de school is Jeroen Van der Auwera vergroeid met wereldburgerschapsthema’s. “Ik nodigde in mijn lessen oud-strijders en gevangenen uit concentratiekampen uit en neem deze ervaringen nu mee als directeur.” Zoiets kan hij uiteraard alleen doen met een team dat er ontvankelijk voor is. “Het is het zogenaamde olievlekprincipe. Niet iedereen hier op school weet al waarover het gaat, maar ik herhaal het SDG-kader als een mantra in elke personeelsvergadering. We hebben er ook een pedagogische studiedag aan gewijd. We zien de SDG’s ongeveer als bijkomende eindtermen. Herhaling is de boodschap. Ook al kan nog niet elke leerkracht hier de SDG’s duiden, we zien toch spontane reflexen ontstaan in vragen als ‘welk icoontje moet ik in deze mailing zetten?’”

Ankerfiguren
De school werkt structureel met ankerfiguren die al langer met dergelijke thema’s en projecten bezig zijn: bijvoorbeeld een leerkracht aardrijkskunde, een leerkracht die geëngageerd werkt rond socioculturele activiteiten, een leerkracht Humane wetenschappen… Deze mensen vormen samen met de directeur en een UNESCO-coördinator een harde kern. “Essentieel is dat we hier dus iemand hebben om alles te structureren en te coördineren. Via sociale media geeft hij een gezicht aan de UNESCO-school en is hij verantwoordelijk voor het uitschrijven van dossiers, wat anders een tijdrovende kwestie zou zijn voor de doorsnee-leerkracht. De collega’s zien dat we daarmee subsidies binnenhalen. En ze krijgen het gevoel dat onze school mee is met zijn tijd, want ook provincies en gemeenten verwijzen steeds meer naar datzelfde kader.”

De communicatie via sociale media en Smartschool straalt ook af op de ouders. “Zij zien dat ons beleid  past binnen een groter geheel.  Mechelen is een onderwijsstad en veel van onze ouders zijn hoger opgeleid. Ze zoeken een school die zich onderscheidt van de rest. Wij doen dat door heel leerlinggericht te werken en iets extra aan te bieden, zoals de eigentijdse invulling van het UNESCO-label.”

Leerlijn
Busleyden Atheneum Campus Pitzemburg wil af van losse flodders en opteert resoluut voor een leerlijn wereldburgerschapseducatie van jaar één tot zes. “We moeten bewaken dat de druk op leerplanrealisatie niet te groot wordt. Die valkuil omzeilen is moeilijk. Maar niet alle leerplannen zitten gedetailleerd vol. Zo leent aardrijkskunde in de eerste graad zich makkelijk tot projectwerk en daar kan je wereldburgerschapsthema’s aan vastkoppelen. Maar ook via het SDG-kader kan je veel doelen uit het leerplan bereiken.”

De juiste reflex
Als leerkrachten zelf mee zijn in het burgerschapsverhaal, volgt de wereldburgerschapsreflex vanzelf. Toch is dat niet altijd evident. “Zo gaf een oud-leerkracht een gidsbeurt in de Dossinkazerne op een pedagogische studiedag. Van de 39 leerkrachten die ingeschreven waren, waren er maar 5 al in de Dossinkazerne geweest, ondanks het feit dat ze op een boogscheut van het museum lesgeven. Bovendien heeft Busleyden Atheneum Campus Pitzemburg heel concrete linken met de geschiedenis, iets waar niet iedereen zich bewust van is. De gestapo heeft destijds letterlijk leerlingen uit deze school weggeplukt. Ook dat moeten we durven in the picture zetten en naar alle schoolbetrokkenen duiden. Zo groeit immers de betrokkenheid.” besluit directeur Van der Auwera.

De meerwaarde van de sociale en culturele activiteiten op onze school is dat leerlingen beseffen dat ze niet alleen in de wereld staan. Ze stappen uit hun comfortzone.

Ontbolsteren
Nog voor het specifieke vak ‘burgerschap’ zijn intrede deed op school, was er al sprake van het vak ‘sociale en culturele activiteiten’. Dat vak kwam er op initiatief van Jeroen Van der Auwera, die zo de SDG’s in een experimenteel jasje goot. “De leerlingen die dat vak volgen zijn zeer actief en werken activiteiten uit die zichtbaar zijn in heel de school. Zo schreven ze naar aanleiding van de Internationale Vrouwendeag leerkrachten en leerlingen aan met de volgende vraag: ‘Wie is voor jou het voorbeeld van een sterke vrouw?’ Van die sterke vrouwen kwamen dan beelden in de schoolgangen  terecht”.

De activiteiten vragen om aangepaste en relevante evaluatiemethoden. Jeroen: “De leerkracht die ‘sociale en culturele activiteiten’ geeft, werkt niet met punten maar wel met feedback van leerlingen. De leerlingen ontdekken zelf op die manier nieuwe interesses en verwerven nieuwe inzichten. Dat is leuk. We zien ook kinderen van anderstalige ouders ontbolsteren. De meerwaarde van dergelijke vakken is dat leerlingen beseffen dat ze niet alleen in de wereld staan. Ze stappen uit hun comfortzone.”

Geloofwaardig
Pitzemburg is een school met naam. Er leeft een verwachtingspatroon dat Jeroen Van der Auwera als directeur tracht te bewaken. “Kritische leerlingen en ouders verwachten een consequente aanpak. Zo wijzen onze leerlingen ons op bepaalde dingen die niet duurzaam zijn. Ze weten dat dat niet strookt met ons doel om een klimaatneutrale school te worden. ‘Plastieken bekers op free podium? Nee, dat past niet binnen onze visie!’, zeggen onze leerlingen. Op de hele school is er geen enkele drankautomaat meer terug te vinden, enkel nog waterfonteintjes. Dat zijn allemaal kleine dingen die passen binnen ons duurzaam kader.”

Dialoog
Die consequente aanpak veronderstelt een aangepast personeelsbeleid. “Ik vraag op een sollicitatie nooit of een leerkracht kan lesgeven, ze hebben immers hun diploma behaald. Wat ik wel vraag is ‘wat zou je meerwaarde voor de school kunnen zijn?’ Aan mij dan om af te toetsen of die kandidaat in onze schoolcultuur past. Dat geldt natuurlijk ook op het niveau van de leerlingen. Eerder dan een uitgebreid reglement met veel regels, zetten we in op dialoog met onze leerlingen en leggen we hen uit waarom iets al dan niet kan, zodat ze er iets van opsteken. Maar ook daarin blijven extra inspanningen nodig. Zo had ik onlangs met enkele leerlingen een gesprek over vermeend racisme. Ik probeerde te duiden dat zowel racisme als zich wentelen in de slachtofferrol van racisme voor isolement kan zorgen. Een makkelijk gesprek was dat niet, maar die inspanningen moet je blijven doen om racisme in de kern aan te pakken.”

Vrijheid
“Omwille van onze focus op dialoog en ons gebrek aan een uitgebreid, strict reglement, heeft onze school het imago van veel vrijheid. Tegelijk verwachten we van onze leerlingen dat ze hun verantwoordelijkheid opnemen, om van die vrijheid te kunnen genieten. Wij geven hen een kader en zij moeten er mee omgaan. Natuurlijk zoekt een puber de grenzen op – dat hoort nu eenmaal bij het opgroeien -, maar dat gebeurt wel in openheid en respect. Op die manier kunnen leerlingen die hier afstuderen trouwens beter om met de vrijheid die ze later, in het hoger onderwijs of in hun beroepsleven, zullen ervaren.”