“Een volwaardig burger is mediawijs”

Lees meer

Open hier het volledige artikel in een printklare PDF (landscape)

“Media zijn altijd en overal aanwezig. Ze bepalen onze kijk op de wereld en geven er zelfs mee vorm aan. De laatste tien jaren merken we een enorme versnelling, zowel in de evolutie als in het gebruik ervan. In de toekomst zien we het belang van media in werk en privé alleen maar toenemen. Dit zorgt voor heel wat opportuniteiten maar vereist ook specifieke competenties”. Laure Van Hoecke is verantwoordelijke onderwijs en vorming bij Mediawijs, het Vlaams Kenniscentrum voor Digitale en Mediawijsheid. Ze toont aan dat mediawijsheid cruciaal is om vandaag kritisch wereldburger te zijn. Ze ziet een belangrijke rol voor het onderwijs weggelegd, maar heeft ook oog voor specifieke uitdagingen zoals leerkrachten die geconfronteerd worden met een generatiekloof en de implementatie  van een mediawijs schoolbeleid.

Verbinden en versterken
“Online tools en platformen geven de mogelijkheid om je te verbinden, om je te ontwikkelen en om te participeren aan de maatschappij. Gedrukte media, televisie en sociale media kunnen maatschappelijke trends en tendensen versterken en ondersteunen. Ze zorgen voor evolutie en soms zelfs (mee) voor revolutie.” Laure Van Hoecke legt de link met wereldburgerschap en ziet mediawijsheid niet als een finaliteit op zich, maar als een middel op weg naar meer participatie.

Mediawijsheid stelt je in staat om mediakanalen en -tools goed te beheersen, op een positieve manier te gebruiken en te kunnen omgaan met de risico’s. Individuen kunnen verbonden zijn met elkaar en met de wereld, zich informeren, informatie correct inschatten, misinformatie ontmaskeren en zelfs beweging krijgen in de maatschappij en deze een stukje gaan hervormen. Media creëren kansen voor mensen om hun stem te laten horen, burgerbewegingen te vormen en op te komen voor verandering.

Digitale balans
De positieve benadering van wereldburgerschap komt duidelijk aan bod in de visie van het kenniscentrum. Ook het Vlaams beleid focust voornamelijk op de opportuniteiten in haar definities over mediawijsheid. Daarnaast wil mediawijsheid burgers weerbaar maken. Zo wijst Laure Van Hoecke op de gevaren en de zoektocht van mensen naar een digitale balans. “Media hebben heel wat positieve effecten, maar kunnen tegelijk risicovol zijn. Zo maakt burgerjournalistiek krachtige bewegingen mogelijk, met als keerzijde de snelheid en ongecontroleerdheid waarmee nieuws en “fake news” verspreid worden. Het doel van mediawijsheid is alle burgers bewust maken van het feit dat ze media op een constructieve manier kunnen inzetten en met als extra aandachtspunt hoe ze zich kunnen verweren tegen risico’s.”

Impact genereren
“Wanneer je werkt rond mediawijsheid, kom je onvermijdelijk, vroeg of laat in contact met wereldburgerschapseducatie. Thematisch zijn er heel wat verbanden, maar toch spelen scholen hier weinig op in”, vertelt Laure Van Hoecke. “Scholen gebruiken de bestaande materialen rond thema’s als fake news en beeldgeletterdheid, maar blijken op het vlak van mediawijsheid momenteel toch eerder bezig met sociale media, sexting, cyberpesten,… Nochtans liggen er veel kansen om media in te zetten in het kader van leerlingenparticipatie. Waarom geen online actie opzetten bij een vastenvoettocht? Tools en sociale media worden vooral vanuit communicatief oogpunt ingezet, maar minder als een versterkende factor om impact te creëren.”

Scholen worstelen te vaak met nieuwe tendensen van mediaconsumptie. Een creatieve aanpak ontbreekt.

Beelden, beelden, beelden
Ook op het vlak van kritische informatievaardigheden ziet Laure Van Hoecke een belangrijke rol voor het onderwijs. Onderzoek wijst uit dat er momenteel nog heel tekstueel gewerkt wordt. “Dat is jammer. Jongeren komen voortdurend in aanraking met afbeeldingen, memes en vlogs. Beeldgeletterdheid, en dus de competentie om een beeld kritisch te analyseren, wordt steeds belangrijker. Scholen worstelen te vaak met deze nieuwe tendensen van mediaconsumptie. Een creatieve aanpak ontbreekt. Vragen rond kritische vaardigheden en burgerschap komen te vaak op de tweede plaats.”

Slagkracht
Sinds 2010 is ‘mediawijsheid’ opgenomen in de eindtermen en de leerplannen van de onderwijskoepels. Mediawijsheid is te omschrijven als de verzameling van competenties die je nodig hebt om actief, bewust en veilig te kunnen deelnemen aan de mediasamenleving. Maar omdat er bij de vakoverschrijdende eindtermen geen resultaatsverplichting is, springen secundaire scholen op dit moment heel divers om met dit thema. Vanaf het schooljaar 2019-2020 is mediawijsheid een sleutelcompetentie van de nieuwe (verplichte) eindtermen rond burgerschap. Daardoor zal het thema en de link met wereldburgerschap een pak meer slagkracht krijgen.

Generatiekloof
Een verklaring waarom het wereldburgerschapspotentieel van mediawijsheid geen prioriteit krijgt, vindt Laure Van Hoecke in het gebrek aan mediagebruik en -kennis bij leerkrachten. “Leerkrachten hinken vaak mijlenver achterop wat betreft hun kennis over nieuwe media. Media evolueren aan een razend tempo en jongeren zijn steeds de grootste groep early adopters. Die onoverbrugbare generatiekloof lijkt op het eerste gezicht zeer problematisch, maar dat is het in geen geval. Het impliceert enkel dat er, in plaats van de klassieke manier van lesgeven en de traditionele rol van de leerkracht, een volledige andere aanpak rond mediawijsheid nodig is.”

Leerkrachten hinken vaak mijlenver achterop wat betreft hun kennis over nieuwe media. Media evolueren aan een razend tempo en jongeren zijn steeds de grootste groep early adopters.

Cruciale rol
“Uiteraard zijn er grote verschillen tussen leerkrachten onderling wat betreft hun kennis van media. Scholen stimuleren het gebruik van media bij het leerkrachtenteam, maar zetten vooral in op de technisch kant waardoor er minder ruimte is voor lessen over het kritisch gebruik, zoals online burgerschap. Nochtans kunnen leerkrachten hier een cruciale rol in spelen. Wat leerkrachten soms ontbreekt aan vaardigheden op vlak van mediagebruik, compenseren ze ruimschoots op vlak van kritische vaardigheden. Maar hiervoor moeten ze natuurlijk wel inzicht hebben in de diverse vormen van nieuwe media. Hun leerlingen kunnen hen hier wegwijs in maken.”

Het gebrek aan mediawijsheid klinkt m.a.w. niet als een verwijt aan leerkrachten. “Het thema kwam  niet of nauwelijks aan bod tijdens hun opleiding. Bij jonge leerkrachten duurt het dan weer enkele jaren vooraleer ze durven experimenteren, omdat ze nog methodisch zoekend zijn. Je kan moeilijk verwachten dat leerkrachten dagdagelijks bezig zijn met alle razendsnelle evoluties in het medialandschap. Zij zijn dus vanzelfsprekend niet altijd op de hoogte van de nieuwste fenomenen uit de leefwereld van hun leerlingen.”

Profielen en competenties
We mogen de jongeren bovendien niet zien als een homogene groep mediagebruikers. Laure Van Hoecke verwijst naar het tweejaarlijkse Apestaartjarenonderzoek waaruit blijkt dat jongeren media heel verschillend gebruiken. “Er zijn fervente gamers, filmpjesfanaten, maar evengoed jongeren die heel weinig in aanraking komen met mediakanalen of jongeren die zich heel kritisch opstellen. Het gebruik van media door kinderen en jongeren hangt samen met hun ontwikkeling. Als kind staat spel centraal, vanaf 12 jaar neemt het relationele aspect toe. Door de verschillende profielen is het dus noodzakelijk om in te zetten op diverse competenties. Enerzijds door jongeren te laten proeven van het bedienen, navigeren, organiseren en produceren van media, anderzijds door in te zetten op een bewust en kritisch gebruik door te observeren, analyseren, evalueren en erover te reflecteren.”

Het zou eerder vreemd zijn indien je als leerkracht alles weet over de laatste mediatrends bij jongeren. Het vraagt durf van een leerkracht om zich onwetend op te stellen en zich te laten onderdompelen door de leerlingen.

Tegengewicht
Laure Van Hoecke verduidelijkt de nieuwe rol van de leerkracht als die van een coach. “Leerkrachten hoeven, om een coachende rol aan te nemen, media niet op dezelfde manier te gebruiken als jongeren. Het zou eerder vreemd zijn indien je als leerkracht alles weet over de laatste mediatrends bij jongeren. Het vraagt net durf van een leerkracht om zich onwetend op te stellen en zich te laten onderdompelen door de leerlingen. Een leerkracht is de geknipte persoon om kritisch tegenwicht te bieden en bepaalde thema’s, zoals haatspraak, aan bod te laten komen.”

Naast de leerkracht als coach raadt Laure Van Hoecke ook peer-to-peer learning als strategie aan. “In een dergelijke leeraanpak, komt de leerling centraal te staan. Mediawijsheid leent zich immers uitstekend tot vormen van leerlingenparticipatie. Je kan vertrekken vanuit de noden van de leerlingen door hen te bevragen omtrent hun gebruik van sociale media. Er zijn ook mooie voorbeelden van peer-to-peer learning waarbij leerlingen van het zesde jaar een opleiding geven aan de eerste graad. We zien oneindig veel mogelijkheden voor nieuwe lesmethodes, waar hopelijk, met de komst van de nieuwe eindtermen, meer ruimte voor vrijgemaakt wordt in het curriculum.”

Mediawijs schoolbeleid
Mediawijsheid op school en een coherent schoolbeleid hieromtrent is vanzelfsprekend geen taak die op één persoon kan rusten. Laure Van Hoecke geeft enkele tips: “Een voortrekkersrol is weggelegd voor leerkrachten die niet bang zijn voor media. Vervolgens ligt de uitdaging in het betrekken van collega’s met koudwatervrees. Dit kan aan de hand van verschillende methodes. Zo creëer je bijvoorbeeld steeds een gevoel van extra veiligheid wanneer iemand als back-up aanwezig is bij een les van een collega die met digitale of audiovisuele tools experimenteert. Het is daarom ontzettend belangrijk om de competenties van het hele team in kaart te brengen, zodat iedereen elkaar kan ondersteunen.”

Laure Van Hoecke wijst verder op het belang van een schoolmandaat en de constellatie die op een school aanwezig is. In de opleiding Mediacoach zet de organisatie Mediawijs in op zowel mediacompetenties als coaching. “We geven handvaten mee zodat leerkrachten er niet alleen voor staan en een team rond het thema kunnen opbouwen. Elk succesvol project heeft doorgaans een werkgroep. We helpen mee nadenken over welke personen, zowel believers als non-believers, betrokken moeten worden op de school.”

Vinger aan de pols
Tot slot blikt Laure Van Hoecke vooruit: “Wij willen meer inzetten op burgerschap in onze opleiding Mediacoach en scholen op weg zetten om maatschappelijke thema’s te verbinden met mediawijsheid. Door de voortdurende evolutie van media, is het noodzakelijk dat scholen de vinger aan de pols houden. We zetten verder in om mediawijsheid als thema in al zijn aspecten structureel in te bedden in scholen op het vlak van beleid, activiteiten en competenties van personeel. Mediawijsheid is een cruciaal thema op de beleidsagenda zodat elke burger op een kritische, bewuste en creatieve manier met media kan omgaan en dat vanuit zijn eigen noden, behoeften en leefwereld.”