Dekoloniseren gaat over het leren omgaan met botsende opvattingen


Bruno Verbergt, operationeel directeur van het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika, legt uit hoe het museum probeert te breken met een koloniaal discours door tegenstrijdige waarheden samen te brengen. “Om te kunnen komen tot een common ground moeten we ruimte maken voor spanning en conflict.”

Van wetenschappelijke waarheid

“Het dekoloniseren van de geest begint bij de bewustwording van je eigen blik en de realisatie dat die niet de enige of juiste is”, zegt Bruno. “Daarom streeft het museum naar meer aandacht voor de perspectieven van de erfgenamen van de kolonisatie.” Dat gaat verder dan aftoetsen of dat bepaalde zaken kwetsend overkomen. “Het gaat over oprechte interesse in hun verhaal of mening, zelfs al is dat geen wetenschappelijk onderbouwde mening.

Door naast wetenschappers ook Afrikaanse burgers een stem te geven, probeert het museum te breken met een koloniaal discours. “Zo’n discours gaat er vanuit dat er één juist wereldbeeld bestaat dat aan anderen kan worden opgedrongen”, stelt Bruno. “Een doorsnee Afrikaan is geen wetenschappelijk specialist, maar bezit toch een bepaald soort expertise. Waarom zou die visie niet de moeite waard zijn?

Naar relationele waarheid

“Daarmee bedoel ik niet dat je andere perspectieven zomaar moet overnemen of als gelijkwaardig moet beschouwen. Je kan nog steeds je eigen mening hebben en tegelijk die van een ander erkennen en proberen te begrijpen.” Volgens Bruno is het beluisteren van verschillende visies hoognodig in een geglobaliseerde wereld waarin we vaker rechtsreeks geconfronteerd worden met andere opvattingen. “De vraag hoe we kunnen samenleven te midden deze verschillen klinkt luider dan ooit.”

Volgens Bruno gaat de samenlevingskwestie over de zoektocht naar een common ground. Hiermee verwijst hij naar een nieuwe gedeelde realiteit die gecreëerd wordt tegen het licht van het ‘algemeen belang’ en die verder gaat dan het compromis. “Je kunt nog heftige confrontaties hebben tussen de verschillende interpretaties, maar er blijft overeenstemming over de normen en waarden die de basis vormen van onze samenleving.”

“Zo besloot Nieuw-Zeeland in 2017 bijvoorbeeld een rivier evenveel rechten en plichten toe te kennen als een mens. De rivier wordt door de Maori’s beschouwd als een levende voorouder. Vanuit een Westers perspectief is het wettelijk gelijkstellen van rivieren en mensen onbevattelijk. Toch is de keuze relevant in het kader van natuurbehoud.”

Ruimte voor verdeeldheid

Net zoals het museum ruimte probeert te scheppen voor botsende opvattingen kunnen ook scholen dit nastreven, vindt Bruno. “De beste lerarenteams zijn precies die teams waar diverse insteken en stijlen aanwezig zijn.” Door van bovenaf sterk af te bakenen wat een leerkracht al dan niet hoort te zeggen, verdwijnt de ruimte voor inhoudelijk debat. “Bovendien ontzeg je leerlingen zo kansen om zich te leren verhouden tot de uiteenlopende perspectieven van de leerkrachten.”

“Daarom vind ik het een goede zaak dat er in de nieuwe eindtermen voor geschiedenis gefocust wordt op historische sleutelbegrippen zoals imperialisme, (neo)kolonisatie en dekolonisatie. Zodat jongeren leren wat kolonialisme is en welke impact het heeft.” Dat is volgens Bruno veel belangrijker dan vastleggen welke elementen uit het koloniaal verleden van België aan bod moeten komen. “Het is aan de leerkracht zelf om voorbeelden en methoden te kiezen. Daar zit volgens mij de vrijheid van onderwijs.